IMG_9552

Het is niet de vraag of Paul Sinha door gaat breken, maar wanneer

Paul Sinha staat aan de vooravond van zijn definitieve doorbraak. Zijn eerste album ‘Niet Zomaar’ is vandaag onder de vlag van TopNotch uitgekomen, hij dook de studio al in met Anouk en als kers op de taart werd hij dit jaar uitgeroepen tot 3FM’s Serious Talent. Maar is hij wel meer dan het volgende nietszeggende popsterretje, dat volgens beproefd concept van de lopende band af is geplukt? Ik besloot Sinha een uur lang het vuur aan de schenen te leggen om hem het tegendeel te laten bewijzen. Conclusie? Met vlag en wimpel geslaagd.

Nuchtere arrogantie

Hoewel Sinha pas 21 is, praat hij met een vastberadenheid die je verwacht van een gearriveerde ster. Zijn antwoorden formuleert hij kort en zorgvuldig. Zo zorgvuldig dat ik hem ervan verdenk dat hij ietwat schichtig is voor ‘de pers’. Als ik Sinha daarop vraag of hij mij daadwerkelijk als vijand beschouwt, geeft hij toe soms angstig te zijn dat zijn opgenomen woorden uit de context worden gehaald. Als ik hem bijvoorbeeld vraag of hij – eenmaal aan de top van zijn roem –  kan beloven geen Lil Kleine te worden, antwoordt hij volmondig ‘ja’. Hij weet echter niet hoe snel hij zeggen moet dat hij niks tegen Lil Kleine heeft: “Hij heeft simpelweg een lifestyle die bij zijn karakter past, zonder deze mate van succes had hij anders een karakter die niet bij zijn lifestyle past. Het is niet dat de roem hem veranderd heeft”. Makes sense though.

contax143_1

Zijn vastberadenheid neigt zelfs naar een milde variant van arrogantie als hij begint over zijn muziek: “Ik maak hele goede muziek. 100%. Ik vind mezelf echt goed. Ik denk zelfs dat ik wel potentie heb om internationaal door te breken”, legt hij me onomwonden voor.

“Het is niet echt bescheiden om jezelf heel erg bescheiden te noemen, maar dat ben ik wel”

Het is een mate van arrogantie die Sinha gedurende het interview niet vreemd is. Opmerkelijk genoeg komt hij tegelijkertijd uiterst nuchter en bescheiden over. “Het is niet echt bescheiden om jezelf heel erg bescheiden te noemen, maar dat ben ik wel”, verwoordt Sinha het contrast zelf treffend. Hij weet bovendien dat hij er nog lang niet is. Dat werd hem bijvoorbeeld duidelijk toen hij onlangs met Anouk de studio in dook: “bij haar merkte ik pas echter dat er levels zijn in genialiteit. De snelheid waarin zij geniale dingen bedenkt, die heb ik nog lang niet. Tijdens die studiosessie merkte ik eens te meer dat er voor mij echt nog heel veel ruimte is voor groei”.

IMG_9546

Hij stelt dat ook zijn omgeving hem met beide benen op de grond houdt. “Door hen en mijn familie blijf ik me ervan bewust dat ik een doodnormale jongen uit Deventer ben. De vrienden van daar zijn nog steeds mijn beste vrienden”.

“Ik besef heel goed dat die roem ‘niet normaal’ is. Er gebeurt tegenwoordig nooit meer niets op mijn telefoon”

Dat betekent overigens niet dat hij niets met Amsterdam heeft of dat hij niet van plan is om naar Amsterdam te verhuizen. Integendeel. Niet alleen omdat zijn platenlabel in de hoofdstad gevestigd is en hij zich een fervent Ajax-supporter noemt, maar ook omdat hij zich buitengewoon thuis voelt binnen de Amsterdamse ‘vibe’. Het ‘zien en gezien worden’ is hem op het lijf geschreven. Hij heeft er dan ook geen enkele moeite mee om in toenemende mate te worden herkend op straat. Ook de vrouwelijke aandacht die met die roem gepaard gaat, omarmt hij stevig, stelt Sinha lachend vast. “Ik besef heel goed dat die roem ‘niet normaal’ is. Er gebeurt tegenwoordig nooit meer niets op mijn telefoon. Laatste appte Ronnie Flex me bijvoorbeeld uit het niets, iemand die ik als een van mijn grote idolen beschouw”.

Toch heeft hij wel een klein puntje van kritiek op Amsterdam en diens inwoners: “Sommige Amsterdammers denken dat ik niet weet hoe de wereld werkt, omdat ik niet uit Amsterdam kom. Maar, jongens, het is maar een uurtje met de trein, hè? Het niet verder kijken dan je eigen bubbel, vind ik soms wel storend”. Veel artiesten maken zich hier volgens Sinha eveneens schuldig aan. Hij ziet dat doorsnee artiest vaak vooral met zichzelf en zijn muziek bezig. “Ze ontwikkelen hun eigen bubbels en zijn zich niet meer bewust van wat er gebeurt in de wereld. Als je hen vraagt naar Erdogans voornemen tot een radicale wetswijzing in Turkije halen zij hun schouders op. Ik zou het jammer vinden als mij dat ook zou overkomen”.

De Nederlandse Ed Sheeran

Ik vertel Sinha dat ik het moeilijk vind om hem te plaatsen binnen een duidelijk muziekgenre. Zijn muziek bevat immers invloeden vanuit zowel EDM, hiphop en pop. “Op schaal van Frans Duijts tot Mocromaniac positioneer ik mezelf precies in het midden”, verduidelijkt hij. Hij snapt daarom ook wel dat hij zo nu en dan getypeerd wordt als volkszanger. “Ik vind het niet erg om een moderne volkszanger te worden genoemd”, waarna Sinha vervolgt: “Lil Kleine is toch ook gewoon een volkszanger anno 2017?”. In de wandelgangen wordt Sinha zelfs weleens de Nederlandse Ed Sheeran genoemd. Niet alleen door de identieke haarkleur, maar ook vanwege de voorzichtige cross-over tussen R&B en pop. Sinha vindt echter dat hij wat dat betreft dan eerder naar The Weeknd neigt. “Ik wil niet een gast met die gitaar worden. Je zal mij dan ook nooit op een albumcover met een gitaar op mijn rug zien staan”.

“Op schaal van Frans Duijts tot Mocromaniac positioneer ik mezelf precies in het midden”

In dat kader stelt Sinha dat hij het dan ook veruit het leukst vindt om met artiesten uit de hiphopscene samen te werken. Hij zou bijvoorbeeld dolgraag eens met Broederliefde of Ronnie Flex samen willen werken. “Of met Boef. Ik was echt onder de indruk van zijn album. Samenwerken met hem zou keihard zijn. Een hypercontrast. Maar ik ben nu nog niet in de positie om op zijn deur te kloppen. Wie weet voor mijn volgende album”. Maar, stelt hij met zijn kenmerkende gezonde arrogantie vervolgens, ‘ook zonder hen word ik succesvol”.

contax151_1

Het woord ‘succes’ wordt door Sinha tijdens het interview vaak uitgesproken. Maar hoe ziet succes er uit volgens hem? “Als ik mijn ogen sluit en aan succes denk, denk ik aan veel vol stadion die je nummers meezingt. En aan geld. Geld is een graadmeter van succes, hoe je het wendt of keert. Als ik bovengemiddeld goed kan leven van mijn carrière, dan zou je dat als succes mogen betitelen”. Sinha vervolgt: “Ik zou het niet per se definiëren als succes, maar het vertegenwoordigen van Nederland op het Eurovisie Songfestival zou ik ook heel leuk vinden. Dat is een van mijn grootste dromen. Het is de muzikale equivalent van voetballen voor het Nederlands Elftal. Je land vertegenwoordigen op een internationaal podium. Wat is er mooier dan dat?”

“Ik vorm mijn carrière, mijn carrière vormt mij niet”

Desalniettemin zou Sinha zijn muziek nooit kunstmatig aanpassen naar de formule van succes, benadrukt hij. “Ik maak wat ik leuk vind en gelukkig heeft dat doorgaans veel commerciële potentie. Ook als het niet per se commercieel interessant is, zoals rap, blijf ik het doen. Ik vorm mijn carrière, mijn carrière vormt mij niet”, aldus Sinha. Daarin blijven plezier en geluk te allen tijde het allerbelangrijkste voor Sinha: “het klinkt als een slechte Facebook-speech, maar geluk is niet afhankelijk van mijn carrière. Geluk is voor mij, naast het ontmoeten van mensen die iets toevoegen aan je leven, het hebben van dezelfde vrienden voor en na mogelijk succes. Ik zou er ook niet depressief van worden als mijn carriere snel eindigt. Ik weet dat ik er dan alles voor gedaan heb. Alles wat ik nu heb meegemaakt, heb ik al. De rest is bonus”.

TEKST: Kees Smeets
BEELD: Vincent King